zondag 10 juli 2011

Bestuurt God hijskranen?

Gisteren ontstond er op Twitter nogal wat rumoer over een commentaar in het Reformatorisch Dagblad, waarin een link werd gelegd tussen het incident in het FC Twente-stadion (waarbij tot nu toe twee doden te betreuren waren) en de uitspraak van Jezus in Lukas 13 over het instorten van de Toren van Siloam – waarmee Jezus degenen terechtwees die geloofden dat dit ongeluk de slachtoffers vanwege hun eigen persoonlijke schuld was overkomen.

Van de regen in de drup
Het commentaar in het RefDag -hoewel goed bedoeld om extremiteiten in de eigen achterban te corrigeren- hielp helaas de beeldvorming over het christelijk geloof van de regen in de drup. Want hoewel het commentaar de gedachte weersprak dat de bouwvakkers in het Twente-stadion vanwege hun eigen 'zonde' waren omgekomen, stelde het wel degelijk dat dit ongeluk een uiting was van Gods "straf" in meer algemene zin, en werd dit expliciet gekoppeld aan de 'zonde' van 'voetbalverdwazing'. Met andere woorden: de bouwvakkers waren weliswaar niet vanwege hun eigen persoonlijke schuld omgekomen, maar stonden wel "in the line of fire" van een incident waarmee God 'ons allen' zou hebben gestraft vanwege 'onze' nationale voetbalverdwazing. En ook díe redenering roept bij mij een diep verzet op.

Bijbels ramptoerisme
Laten we niet te snel met de vinger naar de RefDag-achterban wijzen wanneer het gaat om dit soort extremiteiten. Ik herinner met uit evangelisch-charismatische kringen in Friesland een "profetie" van enkele jaren geleden waarin God met Zijn Geest zou gaan "waaien" over Burgum. Deze "profetie" werd "bevestigd" door een harde wind over het Bergumermeer, waarbij caravans omver werden geblazen en een campingbezoeker om het leven kwam. Destijds smulde ik van zulke 'krachtige' profetieën. Nu vraag ik me af hoe ik ooit in een God heb kunnen geloven die mensenlevens afbreekt omdat Hij één of ander mystiek punt zou willen maken dat slechts door een handjevol ingewijden wordt begrepen. Bijbels geïnspireerd ramptoerisme is niemand vreemd – van bevindelijk tot hypercharismatisch.
Na een goed gesprek met enkele reformatorische 'tweeps', kwamen we als vanzelf bij de kernvraag: kunnen we überhaupt in het hiernumaals spreken over een God die "straft"? Het is mijn overtuiging van niet, en hieronder doe ik een poging om uit te leggen waarom.

Romeinen 1 en de "toorn van God"
In Romeinen 1:18-19 spreekt Paulus over de "toorn van God" die zich "openbaart vanuit de hemel" (onvoltooid tegenwoordige tijd!!) over de goddeloosheid en ongerechtigheid van mensen. Dit lijkt de gedachte van een straffende God in het hiernumaals te legitimeren. Maar wanneer we Rom. 1-3 in zijn geheel lezen, wordt m.i. toch duidelijk dat een ongeluk zoals dat in het Twente-stadion niet kan worden verklaard vanuit dit Bijbelse 'zonde-straf-paradigma'.
Ten eerste legt Paulus in Rom. 1:24-29 heel duidelijk uit hoe de 'toorn van God' zich manifesteert: door de mensen de consequenties te laten dragen van hun eigen zonden (de wet van zaaien en oogsten). Tot drie keer toe gebruikt Paulus hier de zinsnede "God heeft hen overgegeven aan..." om te omschrijven hoe die 'toorn van God' werkt. Daarnaast wordt in vers 18 duidelijk dat Gods toorn niet gaat over de zonden van 'alle mensen', maar heel specifiek over "mensen, die de waarheid in ongerechtigheid ten onder houden". De conclusie lijkt mij glashelder: wanneer de Bijbel spreekt vanuit Gods toorn of oordeel binnen het 'zonde-straf-paradigma', gaat het over het beleven van de consequenties van de eigen zonde. Willekeurige bouwvakkers die in Gods vuurlinie staan vanwege Gods onbehagen over onze collectieve voetbalverdwazing, zoals het RefDag suggereert, zijn dus m.i. een perversie van het Bijbelse denken over Gods toorn.

Romeinen 2 en het doel van de "toorn van God"
Als tweede is het theologisch cruciaal een verschil te maken tussen de begrippen "toorn" of "oordeel" enerzijds, en het begrip "straf" anderzijds. Dat verschil zit hem in het doel. Straf heeft vergelding tot doel – het draagt het karakter van een afrekening. De "toorn" van God (Rom. 1) of het "oordeel" (Rom. 2) heeft omkeer tot doel – het draagt het karakter van een 'megafoon' (C.S. Lewis). 'Oordeel' is in het Grieks krisis – dit wijst op een 'point of decision', niet op een afrekening.
Paulus bespreekt in Rom. 2 de "goedertierenheid van God", en dat is in deze context Zijn beslissing om de zonde juist niet meteen te straffen maar 'op haar beloop te laten' – zie ook Rom. 3:23-26. Die 'goedertierenheid' – dwz dat niet-straffen- heeft tot doel dat wij tot inkeer komen en gaan "volharden in het goeddoen" in plaats van "weerbarstig zijn" (Rom. 2:5-7).
In ons Nederlandse spraakgebruik identificeren wij 'oordeel' meteen met 'straf', maar het is juist cruciaal die twee te onderscheiden. Wij dragen allemaal Gods 'oordeel' zolang wij volharden in het kwade, en dit is bedoeld om ons tot inkeer te brengen. Maar niemand draagt Gods 'straf' – behalve Jezus vóór ons (Rom. 3:23-26), èn straks in de eeuwigheid iedereen die persé zelf zijn eigen 'rekening van de geschiedenis' wil voldoen in plaats van een 'free lunch' op Jezus' conto te accepteren. Aan deze kant van de eeuwigheid lijkt het mij volstrekt onbijbels om te spreken van Gods 'straf'.

Romeinen 8 en de effecten van de zondeval
Het RefDag-commentaar riep nog de meeste weerstand op door het incident in het Twente-stadion te verklaren vanuit een 'zonde-straf-paradigma', ook al nam men afstand van de persoonlijke component daarin. Iemand vroeg mij via Twitter of ik dan niet óók geloof dat de zondeval verantwoordelijk is voor het lijden in de wereld. Dat geloof ik zonder enige reserve. Maar de Bijbel kent verschillende paradigmata om over de ervaring van de effecten van de zondeval te spreken. Er is toorn of oordeel, gekoppeld aan persoonlijke verantwoordelijkheid, en daarover spreekt Paulus in Romeinen 1-3. Maar Paulus spreekt in dezelfde brief, in hoofdstuk 8, ook over een andere dimensie: over "onderworpen zijn aan de vruchteloosheid", over "dienstbaar gemaakt zijn aan de vergankelijkheid", en over "zuchten en in barensnood zijn". Binnen deze context wacht de schepping niet op vergelding, maar op "bevrijding"!! - Rom. 8:21.

Wij ervaren de effecten van onze eigen keuzes -hierover kun je spreken binnen het zonde-oordeel-paradigma zoals in Rom. 1. Maar wij ervaren ook de gebrokenheid van de schepping, de effecten van andermans keuzes of zelfs slordigheid, de effecten van weeffouten in onze economische structuren, enzovoort. Daarover spreken we vanuit een 'vergankelijkheid-bevrijding-paradigma' – en daarom is 'social justice' ook een onmisbaar bestanddeel van het evangelie. Zoals Rich Nathan het omschreef tijdens een seminar over 'A church for others': we hebben "the right hand of evangelism and the left hand of justice' nodig. Mensen hebben redding nodig van de 'hel' van een eeuwigheid zonder God, èn van de 'hel' die het dagelijks leven hier soms is.

Over welke 'hel' spreken wij?
Tragische ongelukken op de bouw horen bij de laatste hel, niet bij de eerste. Hier past dus het perspectief van Romeinen 8: ooit zullen we leven in een wereld waar mechanische defecten of menselijke slordigheid geen schepselen van God meer zullen bedelven onder wreed gewapend beton.
Door het incident in het Twente-stadion te bespreken in het perspectief van Romeinen 1-3 – dus zulke incidenten zijn ons aller 'schuld' -, heeft het RefDag mijns inziens een hardvochtig en onbijbels beeld van het christelijk geloof gepresenteerd, al was het goed bedoeld om nóg extremere gedachten te bestrijden.
De les: internet is een publiek medium, en we spreken nooit slechts 'in eigen kring'. Laat dit een oproep zijn voor ons allemaal -óók in evangelisch-charismatische kring- om het juiste perspectief op het lijden voor ogen te houden en altijd te onthouden dat het evangelie gaat over het redden van mensen, niet over het verklaren van mystieke kosmische mechanismes. Het evangelie is goed nieuws – goed nieuws van bevrijding.

0 reacties:

Een reactie plaatsen